Volksgezondheidenzorg.info

Niet-natuurlijke dood statistiek

Algemeen

Naam
Niet-natuurlijke dood statistiek
Afkorting
NND
Beschrijving

Gegevens over op niet-natuurlijke wijze overleden personen in Nederland, waaronder verkeersdoden, moord en doodslag, zelfdodingen en ongevallen. Euthanasie wordt hierbij buiten beschouwing gelaten. Met ingang van het statistiekjaar 2013 gebruikt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) IRIS, een softwarepakket voor het coderen en/of selecteren van de onderliggende doodsoorzaak, bij de productie van de doodsoorzakenstatistiek. Automatische codering brengt een betere internationale vergelijkbaarheid en reproduceerbaarheid van de gegevens met zich mee. Het veroorzaakt echter ook verschuivingen in doodsoorzaken. Deze zijn het gevolg van een combinatie van epidemiologische ontwikkelingen enerzijds en de introductie van de nieuwe methode anderzijds. De niet-natuurlijke sterfgevallen worden nog steeds handmatig gecodeerd.

Gebruiksdoel

Het verkrijgen van gegevens over het aantal op niet-natuurlijke wijze overleden personen in Nederland, waaronder verkeersdoden, moord- en doodslag, zelfdodingen en ongevallen. De gegevens zijn bestemd voor het maken van CBS-publicaties, het verrichten van statistische analyses en epidemiologisch onderzoek.

Operationeel
Ja
Contactgegevens publiek

CBS Infoservice
Postbus 24500
2490 HA Den Haag
Tel.: 088 570 70 70
E-mail: infoservice@cbs.nl
Contactgegevens CBS infoservice

Brondata beschikbaar

Nee

Open data beschikbaar

Ja, zie Data.overheid.nl en CBS Open Data

Beheerder gegevensbron
Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)
Eigenaar gegevensbron
Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)
Actualisatiedatum
30-06-2017
Wettelijke verplichting
Ja
Type verplichting
Wettelijk
Welke wetten

CBS-wet

Opdrachtgever(s)
Directeur-Generaal CBS
Belangrijkste financier(s)
Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)
Financier is overheid
Ja

Inhoud

Type gegevensverzameling
  • CBS StatLine publicatie
  • CBS-onderzoeksbestand
  • Geaggregeerde gegevens
  • Registratie
Gekoppelde categorieën
  • Gezondheid en ziekte
  • Sterfte, levensverwachting en DALY's
  • Ziekten en aandoeningen
Geografische dekking
Nederland
Eenheden in de gegevens

Individuen

Methode van gegevensverzameling
Uit registratiegegevens en een enquête
Type persoon/instelling die de gegevensbron invult
  • Artsen
  • Ambtenaren van de burgerlijke stand
  • Arrondissementsparketten
Instelling of administratieve organisatie die gegevens aanlevert
  • Ministerie van Infrastructuur en Milieu, Rijkswaterstaat
  • Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
  • Nu nog alle gemeentes: 415 in 2012; 408 in 2013; 403 in 2014 en 393 in 2015. Na overgaan op elektronische aanlevering wijzigt dit. Dan sturen artsen de formulieren direct digitaal naar het CBS.
Eerste meetjaar
1996
Meest recente meetjaar
2015
Operationeel
Ja
Frequentie van aanleveren

Jaarlijks

Bijzonderheden

Toelichting:

Met uitzondering van de verkeersdoden en slachtoffers van moord- en doodslag inclusief niet-ingezetenen, zijn de slachtoffers geteld die waren opgenomen in de basisregistratie personen (BRP) van een Nederlandse gemeente (ingezetenen). Bij de verkeersdoden en slachtoffers van moord- en doodslag inclusief niet-ingezetenen zijn de slachtoffers geteld onder de inwoners én de niet-inwoners van Nederland voor zover het verkeersongeval, moord of doodslag in Nederland heeft plaatsgevonden. Personen die 30 dagen of meer na de ongevalsdatum overlijden worden niet als slachtoffer van een (verkeers-)ongeval geteld maar als slachtoffer van een overig ongeval. Deze 30 dagen grens geldt ook voor de overige typen niet-natuurlijke dood, behalve voor moord/doodslag en zelfdoding waar de termijn 1 jaar is.

De belangrijkste variabelen zijn:

Leeftijd, geslacht, doodsoorzaak en regio.

Informatie die geregistreerd wordt
Jaar Aantal Steekproefgrootte Responspercentage Dekkingsgraad

Beschikbaarheid

Beschikbaarheid gegevens
Ja
Voorwaarden beschikbaarheid

De cijfers op StatLine kunnen door iedereen kosteloos gebruikt worden. Mocht men cijfers wensen volgens een iets andere indeling dan is het mogelijk contact op te nemen met de infoservice van het CBS. Voor onderzoekers is het ook mogelijk om de gegevens on-site of via remote access te analyseren. Hiervoor kan men contact opnemen met het Centrum voor Beleidsstatistiek van het CBS.

Beschikbaarheid gegevens online
Ja
Contactgegevens publiek

CBS Infoservice
Postbus 24500
2490 HA Den Haag
Tel.: 088 570 70 70
E-mail: infoservice@cbs.nl
Contactgegevens CBS infoservice

Beschikbare publicaties

Een korte onderzoeksbeschrijving van de statistiek ‘niet-natuurlijk overlijden’ is beschikbaar op de CBS-website. Voor een toelichting op de samenstelling van de bestanden, zie de pdf Microdata Services van het CBS.

Afnemers/gebruikers
  • Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)
  • Eurostat (EU)
  • Ministerie van Infrastructuur en Milieu (I&M)
  • Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS)
  • Onderzoeksinstituten
  • Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
  • Universiteiten
  • Wereldgezondheidsorganisatie (WHO)
Producten die de gegevensbron gebruiken
  • Volksgezondheid Toekomstverkenningen (VTV), RIVM
  • Website CBS StatLine
  • Website Volksgezondheidenzorg.info (VZinfo)

Veldnamen

Veldnaam
Definitie of omschrijving
Codes
01 Rinpersoons
In de meeste gevallen is de bron van de persoon-id de Gemeentelijke Basisadministratie personen [GBA].
  • A: Rinpersoon niet in gba, polisnummer
  • E: Rinpersoon niet in gba, enquete nr
  • F: Rinpersoon niet in gba, niet sofinrproef
  • G: Rinpersoon niet in gba, geen sofinr
  • H: Rinpersoon niet in gba, ho corresnummer
  • K: Rinpersoon niet in gba, kentekens [rdw]
  • O: Rinpersoon niet in gba, onderwijsnummer
  • R: Rinpersoon wel in gba
  • S: Rinpersoon niet in gba, wel sofinrproef
  • V: Rinpersoon niet in gba, satelliet veiligheid
  • Z: Rinpersoon niet in gba, satelliet gezondheid en zorg
02 Rinpersoon
In de meeste gevallen gaat het om een omzetting van het A-nummer uit de Gemeentelijke Basisadministratie [GBA]. Omdat het A-nummer zeer identificerend is, wordt het voor toepassingen binnen het CBS [waaronder het uniek houden van aan personen gerelateerde informatie en het koppelen van verschillende registraties] vervangen door het RinPersoon. Rin staat voor Record identification number. Door de aan een RINPersoon gekoppelde data in voldoende mate te verwijderen of te hercoderen, is het feitelijk onmogelijk om een RinPersoon aan een specifiek persoon toe te rekenen. De omzetting van een A-nummer naar een RinPersoon geschiedt door het CBS.
Waarde is niet ingevuld
03 Datumongeval
Datum van ongeval, met JJJJMMDD, bijvoorbeeld 20131224 voor 24 december 2013.
Waarde is niet ingevuld
04 Ongtijd
Het tijdstip waarop volgens politie het ongeval plaats vond.
Waarde is niet ingevuld
05 Ongevalsland
Het land waar het ongeval plaats vond.
  • 1: Nederland
  • 10: Spanje
  • 11: Turkije
  • 12: Portugal
  • 13: Overig europees land
  • 14: Marokko
  • 16: [voormalig] joegoslavië
  • 17: Polen
  • 18: [voormalig] sovjet unie
  • 19: Overig niet-europa
  • 2: Suriname
  • 3: Nederlandse antillen en aruba
  • 4: Indonesië
  • 5: Duitsland
  • 6: België
  • 7: Groot-brittanië
  • 8: Frankrijk
  • 9: Italië
  • 99: Onbekend
06 Typennd
De onderverdeling van het type niet-natuurlijke dood naar hiërarchische klassen. Deze klassen zijn nodig om tot de juiste publicatie-aantallen te komen.
  • 1: Zelfmoord
  • 2: Moord/doodslag
  • 3: Verkeersongeval
  • 4: Bedrijfsongeval,
  • 5: Privé ongeval
  • 6: Vliegongeval
  • 7: Ander vervoersongeval
  • 9: Onduidelijk of opzet onbekend
07 Zduitvoering
Zelfdoding is dat het slachtoffer ZELF een handeling verricht heeft met als uitdrukkelijk doel zichzelf het leven te benemen. Gevallen van euthanasie en pogingen tot zelfdoding zijn niet in de cijfers opgenomen.
  • 1: Ophangen verwurgen
  • 10: Medicijnen
  • 11: Alcohol
  • 12: Drugs
  • 13: Gas / koolmonoxyde
  • 14: Ander gif
  • 2: Verstikken
  • 20: Verdrinken
  • 25: Zich te pletter rijden
  • 26: Voor [vracht]auto
  • 27: Voor trein
  • 28: Voor metro
  • 29: Voor tram
  • 30: Voor bus
  • 35: Van hoogte
  • 40: Vuurwapen
  • 45: Snij-/steekwerktuig
  • 50: Zelfverbranding
  • 55: Electrocutie
  • 60: Plastic zak methode
  • -8: Geen zelfdoding
  • 9: Medicijnen of alcohol
  • 99: Anders/onbekend
08 Zdpleeglocatie
Zelfdoding is dat het slachtoffer ZELF een handeling verricht heeft met als uitdrukkelijk doel zichzelf het leven te benemen. Gevallen van euthanasie en pogingen tot zelfdoding zijn niet in de cijfers opgenomen.
  • 10: Andere woning/tuin/schuur
  • 15: Bejaardenoord/verpleeghuis
  • 16: In/om psychiatrische inrichting
  • 17: Politiebureau
  • 18: Gevangenis/penitentiarie inrichting
  • 20: Ziekenhuis, onderwijsinstelling, bioscoop, museum
  • 25: Sport/atletiekaccommodatie
  • 30: Openbare weg
  • 35: Horeca, winkel, kantoor
  • 40: Industrieterrein, fabriek e.d
  • 45: Bouwplaats
  • 5: Eigen woning/tuin/schuur
  • 50: Akkers, weiland
  • 55: Recreatie/vakantieaccommodatie
  • 60: Zee rivier plas
  • 65: Park, bos
  • 70: Spoorbaan
  • 71: Metro-/trambaan
  • -8: N.v.t.: geen zelfdoding
  • 99: Anders/onbekend
09 Zdruchtbaarheid
Zelfdoding is dat het slachtoffer ZELF een handeling verricht heeft met als uitdrukkelijk doel zichzelf het leven te benemen. Gevallen van euthanasie en pogingen tot zelfdoding zijn niet in de cijfers opgenomen.
  • 1: Eerder kenbaar gemaakt
  • 2: Niet eerder kenbaar gemaakt
  • -8: N.v.t.: geen zelfdoding
  • 9: Onbekend
10 Zdpogingen
Zelfdoding is dat het slachtoffer ZELF een handeling verricht heeft met als uitdrukkelijk doel zichzelf het leven te benemen. Gevallen van euthanasie en pogingen tot zelfdoding zijn niet in de cijfers opgenomen.
  • 1: Ja, eerdere pogingen
  • 2: Nee, geen eerdere pogingen
  • -8: N.v.t.: geen zelfdoding
  • 9: Niet bekend of er eerdere pogingen waren
11 Zdafschbrief
Zelfdoding is dat het slachtoffer ZELF een handeling verricht heeft met als uitdrukkelijk doel zichzelf het leven te benemen. Gevallen van euthanasie en pogingen tot zelfdoding zijn niet in de cijfers opgenomen.
  • 1: Wel afscheidsbrief
  • 2: Geen afscheidsbrief
  • -8: N.v.t.: geen zelfdoding
  • 9: Onbekend
12 Zdmotieven
Zelfdoding is dat het slachtoffer ZELF een handeling verricht heeft met als uitdrukkelijk doel zichzelf het leven te benemen. Gevallen van euthanasie en pogingen tot zelfdoding zijn niet in de cijfers opgenomen.
  • 1: Fysiek lijden
  • 10: Depressief
  • 11: Overig psychisch
  • 2: Verlies familie
  • 3: Huiselijke omstandigheden
  • 4: Financieel-economisch
  • 5: Verslaving
  • 6: Seksuele geaardheid
  • 7: Studie, werk
  • 8: Relatie
  • -8: N.v.t.: geen zelfdoding
  • 9: Overspannen
  • 99: Anders/onbekend
13 Mduitvoering
Moord: iemand van het leven beroven, opzettelijk èn met voorbedachten rade. Doodslag: iemand van het leven beroven, opzettelijk niet met voorbedachten rade. Het CBS maakt geen onderscheid tussen moord en doodslag.
  • 1: Hangen of wurgen
  • 10: Medicijnen, alcohol, drugs
  • 11: Gas, koolmonoxyde
  • 12: Andere vergiffen
  • 15: Verdrinken
  • 20: Lichamelijk geweld, mishandeling
  • 25: Overrijden
  • 26: Voor auto werpen/duwen
  • 27: Voor trein werpen/duwen
  • 30: Van hoogte werpen/duwen
  • 35: Vuurwapen
  • 40: Steek-/snijwapen
  • 45: Slagwapen
  • 50: Verbranding
  • -8: N.v.t.: geen moord/doodslag
  • 99: Anders/onbekend
14 Mdpleeglocatie
Moord: iemand van het leven beroven, opzettelijk èn met voorbedachten rade. Doodslag: iemand van het leven beroven, opzettelijk niet met voorbedachten rade. Het CBS maakt geen onderscheid tussen moord en doodslag.
  • 10: Andere woning/tuin/schuur
  • 15: Bejaardenoord/tehuis/verplhuis
  • 20: Onderwijsinstelling, ziekenhuis, bioscoop, museum
  • 25: Sport/atletiekaccommodatie
  • 30: Openbare weg
  • 35: Horeca, winkel, kantoor
  • 40: Industrieterrein/fabriek/werkplaats
  • 45: Bouwplaats
  • 5: Eigen woning/tuin/schuur
  • 50: Akkers, weiland
  • 55: Recreatie/vakantieaccommodatie
  • 60: Zee rivier plas
  • 65: Overig natuurgebied [park, bos]
  • 70: Spoorbaan
  • -8: N.v.t.: geen moord/doodslag
  • 99: Anders/onbekend
15 Mdvindlocatie
Moord: iemand van het leven beroven, opzettelijk èn met voorbedachten rade. Doodslag: iemand van het leven beroven, opzettelijk niet met voorbedachten rade. Het CBS maakt geen onderscheid tussen moord en doodslag.
  • 10: Andere woning/tuin/schuur
  • 15: Bejaardenoord/tehuis/verpleeghuis
  • 20: Ziekenhuis, onderwijsinstelling, bioscoop, museum
  • 25: Sport/atletiekaccommodatie
  • 30: Openbare weg
  • 35: Horeca, winkel, kantoor
  • 40: Industrieterrein/fabriek/werkplaats
  • 45: Bouwplaats
  • 5: Eigen woning/tuin/schuur
  • 50: Akkers, weiland
  • 55: Recreatie/vakantieaccommodatie, openbaar gebouw
  • 60: Zee rivier plas
  • 65: Overig natuurgebied [park, bos]
  • 70: Spoorbaan
  • 79: Plaats van arbeid
  • -8: N.v.t.: geen moord/doodslag
  • 89: Bedrijfsgebouw
  • 99: Anders/onbekend
16 Mddader
Moord: iemand van het leven beroven, opzettelijk èn met voorbedachten rade. Doodslag: iemand van het leven beroven, opzettelijk niet met voorbedachten rade. Het CBS maakt geen onderscheid tussen moord en doodslag.
  • 1: Ja, dader is bekend
  • 2: Nee, dader is niet bekend
  • -8: N.v.t.: geen moord/doodslag
  • 9: Onbekend
17 Mdrelatie
Moord: iemand van het leven beroven, opzettelijk èn met voorbedachten rade. Doodslag: iemand van het leven beroven, opzettelijk niet met voorbedachten rade. Het CBS maakt geen onderscheid tussen moord en doodslag.
  • 0: Geen relatie tot slachtoffer
  • 1: Partner, ex-partner
  • 2: Ouder, pleeg- of stiefouder
  • 3: Kind [ook pleeg/stief]
  • 4: Broer, zus
  • 5: Overige familie
  • 6: Vriend, vriendin
  • 7: Kennis, buur
  • -7: Dader niet bekend
  • 8: Collega
  • -8: N.v.t.: geen moord/doodslag
  • 99: Anders/onbekend
18 Mdmotief
Moord: iemand van het leven beroven, opzettelijk èn met voorbedachten rade. Doodslag: iemand van het leven beroven, opzettelijk niet met voorbedachten rade. Het CBS maakt geen onderscheid tussen moord en doodslag.
  • 1: Overval beroving
  • 2: Huiselijke omstandigheden
  • 3: Ruzie, niet huiselijke omstandigheden
  • 4: Jaloezie
  • 5: Seksueel misbruik geweld
  • 6: Financieel gewin
  • 7: Criminelen onderling
  • 8: Geen motief
  • -8: Geen moord/doodslag
  • 99: Anders/onbekend
19 Vodeelneemer
Een verkeersongeval is een ongeval welke plaats vond op de openbare weg, waar minimaal 1 rijdend object bij betrokken was en waarbij er tussen ongeval en overlijden minder dan 30 dagen zitten.
  • 10: Voetganger
  • 20: Bestuurder
  • 30: Passagier
  • -8: Geen verkeersongeval
  • 99: Onbekend
20 Vovoertuig
Een verkeersongeval is een ongeval welke plaats vond op de openbare weg, waar minimaal 1 rijdend object bij betrokken was en waarbij er tussen ongeval en overlijden minder dan 30 dagen zitten.
  • 0: N.v.t.: voetganger
  • 10: Invalidenvoertuig
  • 100: Dier / getrokken voertuig
  • 110: Trein
  • 120: Tram / metro
  • 130: Vorkheftruck
  • 140: Landbouwvoertuig
  • 15: Scootmobiel
  • 150: Bouw- of graafvoertuig
  • 160: Quad, kart
  • 20: Brommobiel
  • 30: Fiets
  • 40: Brom/snorfiets, brom/snorscooter
  • 50: Motorfiets
  • 60: Personenauto
  • 70: Bestelauto
  • -8: Geen verkeersongeval
  • 80: Vrachtauto
  • 90: Bus
  • 999: Overig/onbekend
21 Vobotsing
Een verkeersongeval is een ongeval welke plaats vond op de openbare weg, waar minimaal 1 rijdend object bij betrokken was en waarbij er tussen ongeval en overlijden minder dan 30 dagen zitten.
  • 1: Botsing met rijdend object
  • 2: Botsing met stilstaand object
  • 3: Geen botsing
  • -8: Geen verkeersongeval
  • 99: Onbekend
22 Vowaarmee
Een verkeersongeval is een ongeval welke plaats vond op de openbare weg, waar minimaal 1 rijdend object bij betrokken was en waarbij er tussen ongeval en overlijden minder dan 30 dagen zitten.
  • 0: Wel verkeersongeval: geen botsing
  • 10: Voetganger / dier
  • 20: Fiets
  • 30: Brom- / snorfiets
  • 40: Motorfiets /scooter [2 wielen: geen brom/snorfiets]
  • 41: 3-wielig motorvoertuig
  • 49: 2- of 3- wielig motorvoertuig
  • 50: Personenauto
  • 51: Kleine vrachtauto/bestelauto
  • 59: Personenauto of kleine vrachtauto
  • 60: Zware vrachtauto
  • 61: Bus
  • 69: Zware vrachtauto / bus
  • -7: Niet bekend of er een botsing was
  • 70: Trein
  • 75: Tram
  • -8: N.v.t.: geen verkeersongeval
  • 80: Niet nader gespecificeerd motorvoertuig
  • 81: Boom
  • 82: [lantaarn]paal
  • 83: Vangrail
  • 99: Onbekend
23 Vowaar
Een verkeersongeval is een ongeval welke plaats vond op de openbare weg, waar minimaal 1 rijdend object bij betrokken was en waarbij er tussen ongeval en overlijden minder dan 30 dagen zitten.
  • 1: Binnen bebouwde kom
  • 2: Buiten bebouwde kom
  • -8: Geen verkeersongeval
  • 9: Onbekend
24 Voalcoholslachtoffer
Een verkeersongeval is een ongeval welke plaats vond op de openbare weg, waar minimaal 1 rijdend object bij betrokken was en waarbij er tussen ongeval en overlijden minder dan 30 dagen zitten.
  • 1: Ja, alcohol bij slachtoffer
  • 2: Nee, geen alcohol bij slachtoffer
  • -8: N.v.t.: geen verkeersongeval
  • 9: Onbekend
25 Voart8slachtoffer
Een verkeersongeval is een ongeval welke plaats vond op de openbare weg, waar minimaal 1 rijdend object bij betrokken was en waarbij er tussen ongeval en overlijden minder dan 30 dagen zitten.
  • 1: Overtreding artikel 8 wegenverkeerswet door slachtoffer
  • 2: Geen overtreding artikel 8 wegenverkeerswet door slachtoffer
  • -7: Niet bekend of slachtoffer alcohol had gebruikt
  • -8: N.v.t.: geen verkeersongeval
  • 9: Onbekend
26 Voalcoholander
Een verkeersongeval is een ongeval welke plaats vond op de openbare weg, waar minimaal 1 rijdend object bij betrokken was en waarbij er tussen ongeval en overlijden minder dan 30 dagen zitten.
  • 1: Ja, alcohol bij ander
  • 2: Nee, geen alcohol bij ander
  • -8: N.v.t.: geen verkeersongeval
  • 9: Onbekend
27 Voart8ander
Een verkeersongeval is een ongeval welke plaats vond op de openbare weg, waar minimaal 1 rijdend object bij betrokken was en waarbij er tussen ongeval en overlijden minder dan 30 dagen zitten.
  • 1: Overtreding artikel 8 wegenverkeerswet door de ander
  • 2: Geen overtreding artikel 8 wegenverkeerswet door de ander
  • -7: Niet bekend of andere betrokkene alcohol had gebruikt
  • -8: N.v.t.: geen verkeersongeval
  • 9: Onbekend
28 Bolocatie
Een dodelijk ongeval door of tijdens het uitoefenen van betaalde arbeid [in loondienst of zelfstandig]. Een overledene wordt niet als slachtoffer van een bedrijfsongeval geteld indien de overledene reeds als slachtoffer van 'moord', 'zelfdoding' of een 'verkeersongeval' is geteld. Met andere woorden ongevallen tijdens woon-werkverkeer tellen niet mee.
  • 10: Andere woning/tuin/schuur
  • 15: Bejaardenoord/tehuis/verpleeghuis
  • 20: Ziekenhuis, onderwijsinstelling, bioscoop, museum
  • 25: Sport/atletiekaccommodatie
  • 30: Openbare weg
  • 35: Horeca, winkel, kantoor
  • 40: Industrieterrein/fabriek/werkplaats
  • 45: Bouwplaats
  • 5: Eigen woning/tuin/schuur
  • 50: Akkers, weiland
  • 55: Recreatie/vakantieaccommodatie, openbaar gebouw
  • 60: Zee rivier plas
  • 65: Overig natuurgebied [park, bos]
  • 70: Spoorbaan
  • -8: N.v.t.: geen bedrijfsongeval
  • 89: Bedrijfsgebouw
  • 99: Anders/onbekend
29 Boarbeidsverband
Een dodelijk ongeval door of tijdens het uitoefenen van betaalde arbeid [in loondienst of zelfstandig]. Een overledene wordt niet als slachtoffer van een bedrijfsongeval geteld indien de overledene reeds als slachtoffer van 'moord', 'zelfdoding' of een 'verkeersongeval' is geteld. Met andere woorden ongevallen tijdens woon-werkverkeer tellen niet mee.
  • 1: Werknemer
  • 2: Stagiaire
  • 3: Leerling/student
  • 4: Uitzendkracht
  • 5: Zelfstandige
  • 6: Meewerkend gezinslid
  • 7: Als derde erbij betrokken geraakt
  • -8: N.v.t.: geen bedrijfsongeval
  • 9: Onbekend
30 Boactiviteit
Een dodelijk ongeval door of tijdens het uitoefenen van betaalde arbeid [in loondienst of zelfstandig]. Een overledene wordt niet als slachtoffer van een bedrijfsongeval geteld indien de overledene reeds als slachtoffer van 'moord', 'zelfdoding' of een 'verkeersongeval' is geteld. Met andere woorden ongevallen tijdens woon-werkverkeer tellen niet mee.
  • 10: Bedienen van machines
  • 20: Werken met handgereedschap
  • 30: Besturen van/zich bevinden op transportmiddel
  • 40: Manipuleren van voorwerpen [vastpakken, vastmaken, openen]
  • 50: Handmatig verplaatsen
  • 60: Bewegen [lopen, rennen, binnengaan, verlaten, zwemmen]
  • 70: Aanwezig zijn
  • -8: N.v.t.: geen bedrijfsongeval
  • 99: Anders/onbekend
31 Bogebeurtenis
Een dodelijk ongeval door of tijdens het uitoefenen van betaalde arbeid [in loondienst of zelfstandig]. Een overledene wordt niet als slachtoffer van een bedrijfsongeval geteld indien de overledene reeds als slachtoffer van 'moord', 'zelfdoding' of een 'verkeersongeval' is geteld. Met andere woorden ongevallen tijdens woon-werkverkeer tellen niet mee.
  • 10: Electrische storing, brand, explosie
  • 20: Kantelen, lekken, overlopen
  • 30: Instorten, vallen, barsten, glijden, breken
  • 40: Verlies controle [gereedschap, voorwerp, dier]
  • 50: Uitglijden, struikelen [met val]
  • 60: Bewegen van het lichaam, met uitwendig letsel
  • 70: Bewegen van het lichaam, met inwendig letsel
  • -8: N.v.t.: geen bedrijfsongeval
  • 80: Verrassing, schrik, bedreiging/geweldpleging
  • 99: Anders/onbekend
32 Boletsel
Een dodelijk ongeval door of tijdens het uitoefenen van betaalde arbeid [in loondienst of zelfstandig]. Een overledene wordt niet als slachtoffer van een bedrijfsongeval geteld indien de overledene reeds als slachtoffer van 'moord', 'zelfdoding' of een 'verkeersongeval' is geteld. Met andere woorden ongevallen tijdens woon-werkverkeer tellen niet mee.
  • 10: Contact met [hitte, koude, giftige stoffen]
  • 20: Verdrinking, begraving, insluiting
  • 30: Verplettering door val, stoten tegen
  • 40: Botsing met bewegend voorwerp
  • 50: Contact met snijdend, puntig, hard voorwerp
  • 60: Beknelling, verplettering door bewegend voorwerp
  • 70: Fysieke/psychische belasting
  • -8: N.v.t.: geen bedrijfsongeval
  • 80: Beet, trap enz. [van mens of dier]
  • 99: Anders/onbekend
33 Bovoorwerp
Een dodelijk ongeval door of tijdens het uitoefenen van betaalde arbeid [in loondienst of zelfstandig]. Een overledene wordt niet als slachtoffer van een bedrijfsongeval geteld indien de overledene reeds als slachtoffer van 'moord', 'zelfdoding' of een 'verkeersongeval' is geteld. Met andere woorden ongevallen tijdens woon-werkverkeer tellen niet mee.
  • 0: Geen betrokken voorwerp
  • 10: Delen van gebouw, ladder, steiger
  • 20: Motoren
  • 30: Handgereedschap
  • 40: Machine en uitrusting [mobiel]
  • 45: Machine en uitrusting [vast gemonteerd]
  • 49: Machine, niet nader gespecificeerd
  • 50: Wegtransportwerktuig [auto e.d.]
  • 55: Overig transportwerktuig [hijskraan, takel, lift]
  • 59: Transportwerktuig, niet nader gespecificeerd
  • 60: Schuivende/vallende goederen/materialen
  • 70: Chemische / radioactieve / explosieve stoffen
  • 75: Hete voorwerpen/stoffen
  • -8: N.v.t.: geen bedrijfsongeval
  • 80: Mens of dier
  • 99: Onbekend
34 Bobedrijfstak
Een dodelijk ongeval door of tijdens het uitoefenen van betaalde arbeid [in loondienst of zelfstandig]. Een overledene wordt niet als slachtoffer van een bedrijfsongeval geteld indien de overledene reeds als slachtoffer van 'moord', 'zelfdoding' of een 'verkeersongeval' is geteld. Met andere woorden ongevallen tijdens woon-werkverkeer tellen niet mee.
  • 10: Landbouw en visserij
  • 20: Industrie
  • 30: Bouwnijverheid
  • 40: Handel, financiële en zakelijke dienstverlening
  • 50: Horeca
  • 60: Vervoer/transport
  • 70: Overheid
  • -8: Geen bedrijfsongeval
  • 80: Milieudienstverlening, cultuur, recreatie
  • 99: Anders/onbekend
35 Boveiligheid
Een dodelijk ongeval door of tijdens het uitoefenen van betaalde arbeid [in loondienst of zelfstandig]. Een overledene wordt niet als slachtoffer van een bedrijfsongeval geteld indien de overledene reeds als slachtoffer van 'moord', 'zelfdoding' of een 'verkeersongeval' is geteld. Met andere woorden ongevallen tijdens woon-werkverkeer tellen niet mee.
  • 1: Ja, voldaan aan veiligheidsvoorschriften
  • 2: Nee, niet voldaan aan veiligheidsvoorschriften
  • -8: N.v.t.: geen bedrijfsongeval
  • 9: Onbekend
36 Polocatie
Dodelijk privé-ongeval: Overleden ten gevolge van een ongeval in of om woning en in openbare gebouwen [school, winkels e.d.], ongevallen in recreatieve sfeer [park, strand e.d.] sportongevallen en op openbare weg voor zover geen verkeersongeval.
  • 10: Andere woning/tuin/schuur
  • 15: Bejaardenoord/tehuis/verpleeghuis
  • 20: Ziekenhuis, onderwijsinstelling, bioscoop, museum
  • 25: Sport/atletiekaccommodatie
  • 30: Openbare weg
  • 35: Horeca, winkel, kantoor
  • 40: Industrieterrein/fabriek/werkplaats
  • 45: Bouwplaats
  • 5: Eigen woning/tuin/schuur
  • 50: Akkers, weiland
  • 55: Recreatie/vakantieaccommodatie
  • 60: Zee rivier plas
  • 65: Overig natuurgebied [park, bos]
  • 69: Natuurgebied niet nader gespecificeerd
  • 70: Spoorbaan
  • -8: N.v.t.: geen privéongeval
  • 99: Anders/onbekend
37 Pooorzaak
Dodelijk privé-ongeval: Overleden ten gevolge van een ongeval in of om woning en in openbare gebouwen [school, winkels e.d.], ongevallen in recreatieve sfeer [park, strand e.d.] sportongevallen en op openbare weg voor zover geen verkeersongeval.
  • 10: Val, gelijk niveau
  • 20: Val, van hoogte
  • 30: Val niet nader gespecificeerd
  • 40: Object [knellend, bewegend]
  • 51: Overdosering alcohol
  • 52: Overdosering medicijnen
  • 53: Overdosering drugs
  • 54: Ander gif [inclusief koolmonoxyde]
  • 59: Overdosering
  • 60: Auto-erotische verstikking
  • 61: Verstikking, overig
  • 70: Verbranding
  • -8: N.v.t.: geen privéongeval
  • 80: Verdrinking
  • 99: Anders/onbekend
38 Poactiviteit
Dodelijk privé-ongeval: Overleden ten gevolge van een ongeval in of om woning en in openbare gebouwen [school, winkels e.d.], ongevallen in recreatieve sfeer [park, strand e.d.] sportongevallen en op openbare weg voor zover geen verkeersongeval.
  • 1: Eten
  • 2: Spelen
  • 3: Huishoudelijk werk
  • 4: Doe-het-zelven
  • 5: Slapen
  • 6: Sport
  • 7: Van/naar/in toilet/badkamer
  • 8: Verzorgd worden
  • -8: N.v.t.: geen priveongeval
  • 9: Overig vrije tijd
  • 99: Onbekend
39 Vliegongeval
Vliegongeval: het type vliegen uitgevoerd door de overleden
  • 1: Aan boord van motorvliegtuig
  • 2: Aan boord van zweefvliegtuig / hangglider e.d
  • 3: Parachutist
  • -8: N.v.t.: geen vliegongeval
  • 9: Anders / onbekend
40 Ovvervoer
Overig vervoersongeval: Te water of te land?
  • 1: Ongeval vond te land plaats
  • 2: Ongeval vond te water plaats
  • -8: N.v.t.: geen 'overig'-ongeval
  • 9: Niet bekend waar ongeval plaatsvond
  • 99: Anders/onbekend
41 Ovlandhoe
Overig vervoersongeval: Overig ongeval te land: hoe?
  • 10: Slachtoffer was voetganger
  • 20: Slachtoffer was fietser
  • 30: Slachtoffer was brom-/snor-/motorfietser
  • 40: Slachtoffer was inzittende personen-/bestelauto
  • 50: Slachtoffer op paard-en-wagen
  • 60: Slachtoffer op tractor
  • -7: Ander ongeval: te water
  • -8: N.v.t.: geen 'overig'-ongeval
  • 99: Anders/onbekend
42 Ovlandwaar
Overig vervoersongeval: Overig ongeval te land: waar?
  • 10: Andere woning/tuin/schuur
  • 15: Bejaardenoord/tehuis/verpleeghuis
  • 20: Onderwijsinstelling, ziekenhuis, bioscoop, museum
  • 25: Sport/atletiekaccommodatie
  • 30: Openbare weg
  • 35: Horeca, winkel, kantoor
  • 40: Industrieterrein/fabriek/werkplaats
  • 45: Bouwplaats
  • 5: Eigen woning/tuin/schuur
  • 50: Akkers, weiland
  • 55: Recreatie/vakantieaccommodatie
  • 60: Zee rivier plas
  • 65: Overig natuurgebied [park, bos]
  • -7: Ander ongeval: te water
  • 70: Spoorbaan
  • -8: N.v.t.: geen 'overig'-ongeval
  • 99: Anders/onbekend
43 Ovlandmet
Overig vervoersongeval: Overig ongeval te land: aanrijding?
  • 10: Nee, er vond geen botsing plaats
  • 20: Ja, botsing met bewegend [rijdend] object
  • 30: Ja, botsing met stilstaand object
  • -7: Ander ongeval: te water
  • -8: N.v.t.: geen 'overig'-ongeval
  • 98: Anders
  • 99: Onbekend
44 Ovwaterhoe
Overig vervoersongeval: Ongeval te water: hoe?
  • 10: Als zwemmer overvaren door boot, jetski e.d
  • 20: Overboord gevallen, verdronken
  • 30: Overboord gevallen, bekneld [tussen boot/boot, boot/kade]
  • 40: Ongeval aan boord schip [brand, ontploffing e.d]
  • -7: Ander ongeval: te land
  • -8: N.v.t.: geen 'overig'-ongeval te water
  • 98: Anders
  • 99: Onbekend
45 Oovindlocatie
Onbekend ongeval: vindlocatie
  • 10: Andere woning/tuin/schuur
  • 15: Bejaardenoord/tehuis/verplhuis
  • 20: Onderwijsinstelling, ziekenhuis, bioscoop, museum
  • 25: Sport/atletiekaccommodatie
  • 30: Openbare weg
  • 35: Horeca, winkel, kantoor
  • 40: Industrieterrein/fabriek/werkplaats
  • 45: Bouwplaats
  • 5: Eigen woning/tuin/schuur
  • 50: Akkers, weiland
  • 55: Recreatie/vakantieaccommodatie
  • 60: Zee rivier plas
  • 65: Overig natuurgebied [park, bos]
  • 69: Natuurgebied niet nader gespecificeerd
  • 70: Spoorbaan
  • 79: Plaats van arbeid
  • -8: N.v.t.: geen 'anders/onbekend'
  • 99: Anders/onbekend
46 Tewatergeraakt
Verkeersongeval of bedrijfsongeval: Te water geraakt?
  • 1: Ja, te water geraakt
  • 2: Nee, niet te water
  • -8: Geen verkeersongeval of bedrijfsongeval
  • 9: Onbekend
47 Verdronken
Verkeersongeval of bedrijfsongeval: Verdronken?
  • 1: Ja, verdronken
  • 2: Nee, niet verdronken
  • -7: Niet bekend of slachtoffer te water is geraakt
  • -8: Geen verkeersongeval of bedrijfsongeval
  • 9: Onbekend
48 Brandvr
Was er sprake van brand?
  • 1: Wel brand
  • 2: Geen brand
  • 9: Onbekend

Terug naar zoekpagina