Volksgezondheidenzorg.info

Doodsoorzakenstatistiek

Algemeen

Naam
Doodsoorzakenstatistiek
Afkorting
DOS
Beschrijving

Gegevens omtrent de doodsoorzaken van alle in Nederlandse bevolkingsregisters ingeschreven overledenen. De doodsoorzakenstatistiek is gebaseerd op doodsoorzaakverklaringen. Artsen, lijkschouwers of specialisten vullen deze in na het overlijden van een persoon. Doodsoorzaken krijgen codes toegewezen afkomstig uit de internationaal toegepaste codelijst, de zogenaamde International Statistical Classification of Diseases and Related Health Problems (ICD) van de World Health Organisation (WHO). Vanaf 1996 wordt gewerkt met de Tiende Revisie van de ICD (ICD-10, WHO). Informatie over inwoners van Nederland die in het buitenland zijn overleden is slechts incidenteel beschikbaar. 

Met ingang van het statistiekjaar 2013 gebruikt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) IRIS, een softwarepakket voor het coderen en/of selecteren van de onderliggende doodsoorzaak, bij de productie van de doodsoorzakenstatistiek. Automatische codering brengt een betere internationale vergelijkbaarheid en reproduceerbaarheid van de gegevens met zich mee. Het veroorzaakt echter ook verschuivingen in doodsoorzaken. Deze zijn het gevolg van een combinatie van epidemiologische ontwikkelingen enerzijds en de introductie van de nieuwe methode anderzijds. 

Gebruiksdoel

Het publiceren van gegevens over de doodsoorzaken van alle overleden inwoners van Nederland, het verrichten van statistische analyses en epidemiologisch onderzoek.

Operationeel
Ja
Contactgegevens publiek

CBS Infoservice
Postbus 24500
2490 HA Den Haag
Tel.: 088 570 70 70
E-mail: infoservice@cbs.nl
Contactinformatie CBS infoservice

Brondata beschikbaar

Ja, onder voorwaarden via Remote access

Open data beschikbaar

Ja, zie Data.overheid.nl

Beheerder gegevensbron
Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)
Eigenaar gegevensbron
Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)
Actualisatiedatum
15-06-2016
Wettelijke verplichting
Ja
Type verplichting
Wettelijk
Welke wetten

Artikel 12a van de Wet op de lijkbezorging en artikel 16 en 25 van de CBS-wet.

Opdrachtgever(s)
Centrale Commissie voor de Statistiek (CCS)
Belangrijkste financier(s)
Ministerie van Economische Zaken
Financier is overheid
Ja

Inhoud

Type gegevensverzameling
  • CBS StatLine publicatie
  • Geaggregeerde gegevens
Gekoppelde categorieën
  • Gezondheid en ziekte
  • Sterfte, levensverwachting en DALY's
Geografische dekking
Nederland
Eenheden in de gegevens

Individuen

Methode van gegevensverzameling
Uit registratiegegevens
Type persoon/instelling die de gegevensbron invult

Ambtenaren van de burgerlijke stand en artsen

Instelling of administratieve organisatie die gegevens aanlevert

Nu nog alle gemeentes: 415 in 2012; 408 in 2013; 403 in 2014 en 393 in 2015. Na overgaan op elektronische aanlevering wijzigt dit. Dan sturen artsen de formulieren direct digitaal naar het CBS.

Eerste meetjaar
1901
Meest recente meetjaar
2015
Operationeel
Ja
Frequentie van aanleveren

Continu, direct na elk contact

Bijzonderheden

Toelichting:

In 2015 kon aan 98,6 procent van de BRP-sterfterecords (Basisregistratie personen, voorheen GBA) een doodsoorzaakverklaring worden gekoppeld. Van de Nederlanders die in het buitenland zijn overleden, wordt slechts zelden een doodsoorzaakverklaring ontvangen. De overledenen waar geen doodsoorzaakverklaring van is ontvangen, worden geregistreerd onder de doodsoorzaak “Overige slecht omschreven en niet gespecificeerde oorzaken van sterfte” (R99). Zonder de Nederlanders die in het buitenland zijn overleden kon in 2015 aan 99,4 procent van de BRP-sterfterecords een doodsoorzaakverklaring worden gekoppeld.

De belangrijkste variabelen zijn:

Leeftijd, geslacht, doodsoorzaak en regio

Informatie die geregistreerd wordt
Jaar Aantal Steekproefgrootte Responspercentage Dekkingsgraad

Beschikbaarheid

Beschikbaarheid gegevens
Ja
Voorwaarden beschikbaarheid

De cijfers op de website van Statline-CBS kunnen door iedereen kosteloos gebruikt worden. Mocht men cijfers wensen volgens een iets andere indeling dan is het mogelijk contact op te nemen met de infoservice van het CBS. Voor onderzoekers is het ook mogelijk om de gegevens on-site of via remote access te analyseren. Hiervoor kan men contact opnemen met het Centrum voor Beleidsstatistiek van het CBS. Voor de variabelen die worden geregistreerd zie het bijbehorende CBS documentatierapport (CBS Microdataservices, versie 31 maart 2016).

Beschikbaarheid gegevens online
Ja

In geaggregeerde vorm online beschikbaar, via de StatLine tabel Doodsoorzakenstatistiek.
Het eerste meetjaar is 1901, het eerste gepubliceerde jaar op StatLine en beschikbaar voor analyses via Remote access: 1950. De cijfers tot en met 2015 zijn definitief.

Contactgegevens publiek

CBS Infoservice
Postbus 24500
2490 HA Den Haag
Tel.: 088 570 70 70
E-mail: infoservice@cbs.nl
Contactinformatie CBS infoservice

Beschikbare publicaties

Een korte onderzoeksbeschrijving en een aanvullende onderzoeksbeschrijving zijn te vinden op de website van het CBS. Voor een toelichting op de samenstelling van de bestanden, zie deze link naar de pdf van Microdataservices van het CBS.

Afnemers/gebruikers
  • Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)
  • EU: Eurostat
  • Ministerie van Infrastructuur en Milieu (I&M)
  • Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS)
  • Onderzoeksinstituten
  • Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
  • Universiteiten
  • Wereldgezondheidsorganisatie (WHO)
Producten die de gegevensbron gebruiken
  • Website Volksgezondheidenzorg.info (VZinfo)
  • Volksgezondheid Toekomstverkenningen (VTV), RIVM
  • Website CBS StatLine
  • Website De Staat van de Volksgezondheid en Zorg

Veldnamen

Veldnaam
Definitie of omschrijving
Codes
01 Rinpersoons
In de meeste gevallen is de bron van de persoon-id de Gemeentelijke Basisadministratie personen (GBA).
  • A: Rinpersoon niet in gba, polisnummer of hernummerd
  • E: Rinpersoon niet in gba, enquete nr
  • F: Rinpersoon niet in gba, niet sofinrproef
  • G: Rinpersoon niet in gba, geen sofinr
  • H: Rinpersoon niet in gba, ho corresnummer
  • K: Rinpersoon niet in gba, kentekens _rdw_
  • O: Rinpersoon niet in gba, onderwijsnummer
  • R: Rinpersoon wel in gba
  • S: Rinpersoon niet in gba, wel sofinrproef
  • V: Rinpersoon niet in gba, satelliet veiligheid
  • Z: Rinpersoon niet in gba, satelliet gezondheid en zorg
02 Rinpersoon
In de meeste gevallen gaat het om een omzetting van het A-nummer uit de Gemeentelijke Basisadministratie (GBA). Omdat het A-nummer zeer identificerend is, wordt het voor toepassingen binnen het CBS (waaronder het uniek houden van aan personen gerelateerde informatie en het koppelen van verschillende registraties) vervangen door het RinPersoon. Rin staat voor Record identification number. Door de aan een RINPersoon gekoppelde data in voldoende mate te verwijderen of te hercoderen, is het feitelijk onmogelijk om een RinPersoon aan een specifiek persoon toe te rekenen. De omzetting van een A-nummer naar een RinPersoon geschiedt door het CBS.
Waarde is niet ingevuld
03 Uccode
Onderliggende doodsoorzaak volgens ICD10. Doodsoorzaken krijgen codes toegewezen afkomstig uit de internationaal toegepaste codelijst, de zogenaamde International Statistical Classification of Diseases and Related Health Problems (ICD) van de World Health Organisation (WHO). Vanaf statistiekjaar 1996 wordt gewerkt met de Tiende Revisie van de ICD (ICD-10, WHO). Tot en met statistiekjaar 2012 is volledig handmatig gecodeerd door de medisch codeurs van het CBS. Vanaf statistiekjaar 2013 worden de doodsoorzaken (deels) automatisch gecodeerd met behulp van het computerprogramma IRIS (versie 4.2.0; release februari 2013). IRIS is gebaseerd op de internationale standaard voor het automatisch coderen van doodsoorzaken (MMDS) en in staat ongeveer 93% van de natuurlijke doden in het jaarbestand van een onderliggende doodsoorzaak te voorzien. Het resterende gedeelte van het bestand, alsmede de niet natuurlijke doodsoorzaken en de maternale of perinatale sterfgevallen worden nog als voorheen handmatig verwerkt. Het automatisch coderen van doodsoorzaken brengt een betere internationale vergelijkbaarheid en reproduceerbaarheid van de gegevens met zich mee. Ook worden nu alle doodsoorzaken op het doodsoorzakencertificaat gecodeerd waardoor de beschikbaarheid van gegevens voor onderzoek toeneemt. De introductie van het automatisch coderen brengt (eenmalige) verschuivingen in de statistiek met zich mee. In het oog springen vooral de sterke toename van dementie (incl. alzheimer) en late gevolgen van het CVA, alsmede de sterke afname van de longontsteking en COPD als onderliggende doodsoorzaak. Voor de onderliggende doodsoorzaak en het eventuele belangrijkste letsel zijn geen codeboeken beschikbaar gesteld, omdat de in deze variabelen gebruikte ICD-10 coderingen vele mitsen en maren kennen.
04 Irismaininjury
Doodsoorzaken krijgen codes toegewezen afkomstig uit de internationaal toegepaste codelijst, de zogenaamde International Statistical Classification of Diseases and Related Health Problems (ICD) van de World Health Organisation (WHO). Vanaf statistiekjaar 1996 wordt gewerkt met de Tiende Revisie van de ICD (ICD-10, WHO). Tot en met statistiekjaar 2012 is volledig handmatig gecodeerd door de medisch codeurs van het CBS. Vanaf statistiekjaar 2013 worden de doodsoorzaken (deels) automatisch gecodeerd met behulp van het computerprogramma IRIS (versie 4.2.0; release februari 2013). IRIS is gebaseerd op de internationale standaard voor het automatisch coderen van doodsoorzaken (MMDS) en in staat ongeveer 93% van de natuurlijke doden in het jaarbestand van een onderliggende doodsoorzaak te voorzien. Het resterende gedeelte van het bestand, alsmede de niet natuurlijke doodsoorzaken en de maternale of perinatale sterfgevallen worden nog als voorheen handmatig verwerkt. Het automatisch coderen van doodsoorzaken brengt een betere internationale vergelijkbaarheid en reproduceerbaarheid van de gegevens met zich mee. Ook worden nu alle doodsoorzaken op het doodsoorzakencertificaat gecodeerd waardoor de beschikbaarheid van gegevens voor onderzoek toeneemt. De introductie van het automatisch coderen brengt (eenmalige) verschuivingen in de statistiek met zich mee. In het oog springen vooral de sterke toename van dementie (incl. alzheimer) en late gevolgen van het CVA, alsmede de sterke afname van de longontsteking en COPD als onderliggende doodsoorzaak. Voor het belangrijkste letsel bij een niet-natuurlijke dood zijn geen codeboeken beschikbaar gesteld, omdat de in deze variabelen gebruikte ICD-10 coderingen vele mitsen en maren kennen.
05 Nndlocationcode
Locatiecodering bij een externe doodsoorzaak volgens ICD10.
  • 0: In en om huis
  • 1: Instelling waar personen verblijven
  • 2: Scholen, andere instellingen en openbare ruimten
  • 3: Plaats voor sport en atletiek
  • 4: Straat en weg
  • 5: Plaats voor handel en dienstverlening
  • 6: Industrie- en bouwterrein
  • 7: Boerderij
  • 8: Overige gespecificeerde plaatsen
  • 9: Niet gespecificeerde plaats
06 Plovl
Locatie van overlijden
  • 1: Ziekenhuis
  • 2: Psychiatrisch
  • 3: Verpleeghuis
  • 4: Verzorgingshuis
  • 5: Overige instellingen
  • 6: Thuis
  • 7: Elders
  • 9: Onbekend
07 Statjaar
Jaar waarin de overledene in de statistiek is opgenomen.
Waarde is niet ingevuld

Naar Metadatabase